Ik zou zeggen dat...
français - English


Liefst 7 nominaties voor Safaripark BeekseBergen bij Diamond ThemePark Awards 2016
woensdag 06 januari 2016 16:06

6 januari 2016 - Safaripark Beekse Bergen heeft maar liefst zeven nominaties in de wacht gesleept bij de strijd om de Diamond Themepark Awards 2016. Het wildlifepark in Hilvarenbeek gaat de competitie aan in de volgende categorieën: Beste Zoo, Mooiste Dierenverblijf (met onderkomen nijlpaarden/krokodillen), Mooiste Geboorte (secretarisvogel), Beste Beleving in de Zoo (met zowel boot- als bussafari), Mooiste Park en Best Food&Beverage.

De Diamond Themepark Awards richten zich op attractie- en dierenparken in Nederland en België. Tot 29 februari kunnen bezoekers hun stem uitbrengen via www.diamondthemeparkawards.com. De nominaties kwamen tot stand door de inzet van een vakjury via een rating-systeem. De score van de vakjury telt voor 50 procent mee in de eindrangschikking.

Twee titels in 2015

In 2015 sleepte Safaripark Beekse Bergen twee mooie Diamond-titels in de wacht: die van ‘Beste Wildlife Dierenpark van Nederland en België’ en ‘Mooiste Dierenverblijf van Nederland’ met het nu opnieuw genomineerde nijlpaarden- en krokodillenverblijf.   

Op 10 mei 2016 worden de winnaars in alle categorieën bekendgemaakt tijdens een speciaal evenement in Walibi Holland. De Diamond ThemePark Awards zijn de belangrijkste prijzen voor attractie- en dierenparken in België en Nederland.

45.000 stemmen

De uitreiking van de Diamond ThemePark Awards is een gezamenlijk initiatief van websites gericht op attractieparken en dierentuinen in België en Nederland. Maar liefst 45.000 mensen namen vorig jaar de moeite hun stem uit te brengen tijdens een stemperiode van vier weken.

 
Twee Diamond ThemePark Awards 2015 voor Safaripark Beekse Bergen
donderdag 30 april 2015 11:13

BESTE WILDLIFE DIERENPARK VAN NEDERLAND en BELGIË

MOOISTE DIERENVERBLIJF VAN NEDERLAND (NIJLPAARDEN/KROKODILLEN)

Safaripark Beekse Bergen is uitgeroepen tot ‘Beste Wildlife Dierenpark van Nederland en België’ tijdens de Diamond ThemePark Awards 2015. Dit zijn de belangrijkste prijzen voor attractie- en dierenparken in België. Het safaripark in Hilvarenbeek kreeg nog een award: het in 2014 geopende onderkomen van de krokodillen en nijlpaarden werd uitgeroepen tot beste dierenverblijf.

De Diamond ThemePark Awards werden dinsdag voor de 5e keer uitgereikt tijdens een speciale bijeenkomst in Pairi Daiza. De prijs voor het beste dierenverblijf is een mooie waardering voor het vele werk dat Safaripark Beekse Bergen vorig jaar stak in de realisatie van het verblijf voor de krokodillen en nijlpaarden die sinds vorig jaar in het park te zien zijn. Daarbij is de natuurlijke habitat zoals gebruikelijk zo goed mogelijk nagebootst. Inmiddels vliegen er in het binnenverblijf ook vogels rond en binnenkort worden er ook nog vissen toegevoegd.

Natuurlijk was er in het kader van de uitverkiezing van ‘Beste Wildlife Dierenpark van Nederland en België' ook aandacht voor het onlangs geopende nieuwe olifantenverblijf en de daaraan gerelateerde komst van een familie van vier Afrikaanse olifanten naar het safaripark in Hilvarenbeek.

De uitreiking van de Diamond ThemePark Awards is een gezamenlijk initiatief van websites gericht op attractieparken en dierentuinen in België en Nederland. Maar liefst 45.000 mensen namen de moeite hun stem uit te brengen tijdens een stemperiode van vier weken. Samen met de scores van de vakjury leverde dat een aardig lijstje winnaars op in verschillende categorieën.

 
Tip voor een uitstap: Safaripark Beekse Bergen
vrijdag 11 april 2014 15:06

SAFARIPARK BEEKSE BERGEN UITGEROEPEN TOT ‘BESTE DIERENPARK VAN NEDERLAND’
Diamond ThemePark Awards 2014 reikt landelijke prijs uit aan Safaripark Beekse Bergen

Hilvarenbeek, vrijdag 11 april 2014 – Safaripark Beekse Bergen is uitgeroepen tot ‘Beste Dierenpark van Nederland’ tijdens de Diamond ThemePark Awards 2014. Dit werd bekend gemaakt tijdens een speciale uitreikingceremonie in Plopsaland De Panne op vrijdag 11 april. Het is de 4e keer dat de Diamond ThemePark Awards werden uitgereikt.

De Diamond ThemePark Awards is een gezamenlijk initiatief van websites gericht op attractieparken en dierentuinen in België en Nederland. Maar liefst 40.000 stemmen en de scores van de vakjury gaven samen een mooie lijst met verschillende winnaars.  Dit jaar is zowel de beste Belgische winnaar als de beste Nederlandse winnaar beloond met een Award.

 Safaripark Beekse Bergen is als winnaar uit de bus gekomen in de categorie ‘Beste Dierenpark van Nederland’. In 2013 won het safaripark de zilveren Award.

Afrika, gevaarlijk dichtbij
Safaripark Beekse Bergen is hét grootste Afrikaanse wildlife park van Nederland. Het park opent op dinsdag 29 april 2014 een compleet nieuw Afrikaans dierenverblijf met onder andere nijlpaarden en krokodillen. De bouw van dit verblijf en het transport van de nieuwkomers betreft de grootste investering voor het safaripark tot nu toe.
In 2013 opende het park een verblijf voor een zeldzaam, uniek en relatief onbekende diersoort: de okapi. Op 18 oktober 2013 werd Safaripark Beekse Bergen uitgeroepen tot ‘Beste Dierenpark van Nederland’ door beoordelingssite Zoover.Safaripark Beekse Bergen is hét grootste Afrikaanse wildlife park van Nederland. Bezoekers van het park komen tijdens een wandel-, auto-, boot- en bussafari oog in oog te staan met meer dan 1.250 dieren zoals leeuwen, olifanten, giraffen, neushoorns en apen. Safaripark Beekse Bergen is gevestigd in Hilvarenbeek en onderdeel van Libéma.

 

 
Onderzoek naar de tarieven van freelancers
zondag 23 maart 2014 08:03

GROOTSTE ONDERZOEK NAAR DE TARIEVEN VAN FREELANCERS LEVERT VERRASSENDE RESULTATEN OP

Freelance Network, de website waar meer dan 8.600 freelancers hun diensten aanbieden, heeft een onderzoek uitgevoerd naar de tarieven van freelancers in België. 1.700 freelancers namen deel aan het onderzoek (een uitzonderlijk groot aantal) en over alle functies. Dat heeft een aantal opvallende resultaten opgeleverd.

Conclusies uit het onderzoek

Opvallend: Er zijn blijkbaar veel meer mannelijke freelancers dan vrouwelijke. Bijna 1/3 vrouwen en 2/3 mannen.

  • Het gemiddeld uurtarief dat freelancers aanrekenen is 56 €/uur
  • Ervaring speelt een belangrijke rol
    • Een zelfstandige tot 5 jaar ervaring, vraagt gemiddeld 37 euro per uur
    • Iemand tussen de 5 en 15 jaar ervaring: 49 euro
    • Iemand met meer dan 15 jaar ervaring: 63 euro
  • Er is een verschil in tarief volgens geslacht: mannen verdienen gemiddeld 60 euro per uur en vrouwen 49 euro
  • Er is een verschil in tarief tussen regio’s
  • Er is een verschil in tarief tussen functies

Uit de enquête van Freelance Network blijkt dat 53 % van de freelancers een tarief vragen van minder dan 51 € per uur. 10% hanteert een tarief tot 25 € per uur, 7 % vraagt tussen de 26 en 30 € per uur en 7 % vraagt meer dan 100 €.

Ter vergelijking: het tarief van een schilder is 40 €/uur en van een loodgieter en elektricien 45 €.    (http://www.nbb.be/belgostat/PublicatieSelectieLinker?LinkID=696000067%7C910000082&Lang=N)

Gemiddeld uurtarief

beroepservaring

man

vrouw

eindtotaal

Junior (≤ 5 jaren)

40 €

34 €

37 €

Medior (tussen 5 en 15 jaren

50 €

46 €

49 €

Senior (≥ 15 jaren

66 €

55 €

63 €

 

 

Welke diensten leveren freelancers?

In de database van Freelance Network bieden 1.077 webdesigners en –programmeurs, 1.443 grafisch ontwerpers en 1.329 vertalers hun diensten aan, taken die traditioneel uitbesteed worden aan freelancers. Maar ook 1.678 mensen bieden zich aan voor administratief werk, 670 voor boekhouden of financiële ondersteuning en 783 als HR medewerker. Werken als freelancers biedt een uitweg voor al diegenen die vandaag uit de boot vallen wegens te oud of te duur.

De freelancers met het hoogste uurtarief zijn de interim managers en trainers/lesgevers.

Regionale verschillen

Iemand uit Limburg is 10% goedkoper dan het gemiddelde. Brussel en Vlaams-Brabant hebben duurdere freelancers.

Provincie/Regio

€/uur

Vlaams-Brabant

61

Brussel

58

Antwerpen

56

West-Vlaanderen

55

Oost-Vlaanderen

52

Limburg

50

Gemiddeld

56

De opgegeven bedragen zijn richtprijzen. Bij grote of langdurige projecten spreken freelancers met hun opdrachtgever vaak een dagtarief af of een maandelijkse vergoeding (fee) berekend op het geschatte werkvolume.

Een oplossing voor de werkloosheid?

Door de economische situatie is het zowel voor jongeren als voor oudere werkzoekenden met ervaring en kennis moeilijk een baan te vinden in vaste loondienst. Freelance werk biedt een uitweg om de hinderpalen te omzeilen.

Over Freelancenetwork.be

Freelancenetwork.be is de gratis website waar bedrijven gebruik van kunnen maken om met een freelancer in contact te komen. Zij kunnen er opdrachten plaatsen én freelancers op functie (of regio) selecteren en de beschikbare kandidaten gratis mailen. De beschikbare freelancers nemen dan rechtstreeks met hen contact op. Sinds het ontstaan van de site zijn er al meer dan 3.600 opdrachten geplaatst en registreerden meer dan 8.600 freelancers zich. De site heeft vooral opdrachten voor kortere periodes.

Contact en info

Michel Piedfort

Freelancenetwork.be - Italiëlei 46 b8 - 2000 Antwerpen

www.freelancenetwork.be

Tel: 03 475 00 85 - 0486 329 020 - E-mail: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 

 
Déjà-vu: the American way
dinsdag 18 februari 2014 09:23

"Who do you want to sue?" vroeg ik aan de Vice-President Legal Affairs. "Everybody," riep hij. "Your king, your queen, your prime-minister, ... ."

Telenet stapt naar het Grondwettelijk Hof om het 'decreet uitgesteld kijken' aan te vechten.  Het telecombedrijf verklaart daarmee de oorlog aan minister van media Ingrid Lieten. (De Morgen, 18/2). Over CEO John Porter: "Hoewel hij zich in Australië echt thuis voelt, is hij een typische Amerikaan gebleven", zeggen zijn medewerkers.

Het was een gure winteravond, het regende hard en ik was op weg naar huis als ik telefoon kreeg en gesommeerd werd om onmiddellijk naar wat toen nog de ITT Tower heette te gaan, aan het begin van de Louisalaan. Toen ik daar aankwam, was er een vergadering aan de gang met onze algemeen directeur, de CEO Europe en een paar Vice-Presidents, overgekomen uit de VS. Belgacom had aangekondigd de samenwerking met ITT Promedia stop te zetten en voortaan zelf de telefoongidsen uit te geven. Het was een oorlogsverklaring en er moest een strategie opgesteld worden. Voor de Vice-President Legal Affairs was het duidelijk: ze zouden rechtszaken aanspannen tegen zowat iedereen. Op mijn vraag "Who do you want to sue?" kreeg een keihard antwoord: "Everybody. Your king, your queen, your prime-minister, ... ." 

ITT Promedia had een probleem: bij de adverteerders werd de Gouden Gids gezien als een noodzakelijk kwaad en door de agressieve verkoopstechnieken kon de Gouden Gids op weinig sympathie rekenen bij de KMO's, hun belangrijkste klanten. De komst van een concurrent zou zwaar wegen op de omzet- en winstcijfers. Daarom werd er die avond ook beslist dat er een charme-offensief in gang gezet moest worden en er werd een ruim budget vrij gemaakt voor reclame- en p.r.-campagnes. De bedrijfscultuur werd omgegooid en de verkopers kregen training om de klanten op een andere manier te benaderen. De adverteerders bleven aan boord.

Promedia heeft de slag gewonnen en Belgacom Directory Services heeft uiteindelijk de handdoek gegooid. De firma kreeg een paar keer andere aandeelhouders en de naam veranderde in Truvo. De beurskoers van ITT kelderde na een negatief artikel in Forbes, de top moest opstappen en de groep werd in onderdelen verkocht. Exit ITT.

Het valt af te wachten hoe het Telenet en aandeelhouder Liberty Global zal vergaan maar één tip kunnen we alvast meegeven: zorg dat uw klanten/gebruikers aan uw kant staan.

 

 
Over het lezen van kranten en nieuwssites
donderdag 13 februari 2014 13:36

Wij lezen de krant

Het is nog geen acht uur als de buurvrouw al aanbelt. Of wij een krant gekregen hebben?

“Twee kranten,” zeg ik.

Ze kijkt mij verwonderd aan. “Ik heb twee abonnementen.”

“Onze krant zat niet in de bus. Wij lezen Gazet van Antwerpen,” zegt ze opgewonden.

“Misschien is er vandaag geen GvA”, zeg ik. “Al eens bij Gert gevraagd?” Dat is haar andere buur.

“Die heeft zijn krant. De Standaard.”

“Rosa heeft ook haar krant gekregen,” zeg ik. “Ik heb ze zien zitten. Ze steekt altijd de helft uit haar bus.” Rosa is vooraan in de tachtig en leest Het Nieuwsblad. “Het gebeurt hier ook regelmatig dat er een krant ontbreekt, gewoonlijk op zaterdag.  Je moet dan de uitgeverij verwittigen want bij de post kan je geen klacht indienen.”

Vier huizen op een rij en vijf kranten.

Zij lezen geen krant

Naar de dagelijkse quizzen kijken op televisie is een leerzame bezigheid. De treinreizigers die meedoen aan de quiz in ‘Iedereen beroemd’ zijn vaak studenten. Krijgen ze een vraag over de actualiteit dan moeten ze doorgaans een beroep doen op de andere treinreizigers. Als ze geluk hebben, zit er iemand in de wagon die wel een krant leest. Bij ‘Blokken’ kan je hetzelfde vaststellen: hoe jonger de deelnemers, hoe minder ze weten.

Is de toekomst digitaal?

Uit de recente CIM-cijfers blijkt dat de krantenverkoop in Vlaanderen in 2013 licht gedaald is, met 0,45 %. Het verlies bleef beperkt dankzij de digitale kranten want het aantal gedrukte exemplaren daalde met 1,4% tot 889.637 stuks. “Het digitale lezen zit duidelijk in de lift,” schrijft De Morgen als commentaar bij die cijfers.

Apache.be is een nieuwssite die in 2009 opgezet werd en diepgaande journalistieke bijdragen aflevert. In 2013 had Apache.be 700 abonnees.

Newsmonkey, volgens hun website een rebelse, onafhankelijke actuasite voor de jonge Change Generation,  ging in januari online en haalt na een maand ongeveer 12.000 unieke bezoekers per dag. Newsmonkey is gratis en op Apache.be zijn veel bijdragen enkel toegankelijk voor abonnees.

De Tijd heeft het grootste aantal betalende abonnees: 11.143. De Tijd wordt gelezen door mensen die willen weten of ze hun geld goed belegd hebben en die hebben er geen probleem mee om daarvoor te betalen. In 2013 verkocht De Morgen 2.695 digitale abonnementen en De Standaard 7.121.

Die lift blijkt al bij al maar een beperkte capaciteit te hebben.

Het is natuurlijk appels met citroenen vergelijken. Het zijn websites waar artikels op gepubliceerd worden, geschreven door journalisten, maar ze hebben elk een andere doelgroep. “We mikken op 11.000 abonnees,” zegt de nieuwe hoofdredacteur van Apache.be, Karl Van den Broeck, in Knack. Elf duizend? Veel is dat niet om een nieuwssite in leven te houden.

De titels en niks meer

Aan collega’s, kennissen, vrienden en studenten vraag ik regelmatig of ze een krant kopen en in veel gevallen krijg ik als antwoord dat ze die op hun smartphone of hun tablet wel lezen. Ik vermoed dat ze dat alleen zeggen om niet te moeten toegeven dat ze het nieuws helemaal niet volgen. Een collega beweert dat hij elke dag Le Monde leest op zijn smartphone en ik zie hem wel eens bezig tijdens de middaglunch. Verder dan de titels komt hij nooit en ik vermoed dat de smartphone- en tablet-lezers zich daar ook toe beperken want in conversaties blijven ze ook doorgaans in algemeenheden en slagzinnen steken. Ze spreken in titels.

Of de kranten er zullen in slagen een jong publiek te doen betalen voor hun digitale publicaties is zeer twijfelachtig en dat heeft niets met het medium of met de drager te maken maar met de mentaliteit van jongeren die opgroeien in een entertainment maatschappij waar intussen ook hun ouders en hun leerkrachten de intellectuele inspanning van het kritisch denken en nadenken als vermoeiend ervaren. 

 
Verkiezingen: Het wordt weer een leuke tijd
woensdag 15 januari 2014 15:00

om te observeren hoe onze politici communiceren en wat de media daaruit selecteren. Laat ons punten geven.

De meeste politici hebben mediatraining gevolgd,  bereiden de interviews keurig voor en leren een paar oneliners uit het hoofd. Tot daar gaat het allemaal goed. In mei mogen wij, de kiezers, onze stem geven aan de man of vrouw die voor een stuk zal bepalen wat er zoal zal veranderen in dit land.

De pers is aanwezig op partijcongressen en nieuwjaarsrecepties en bericht daar graag over omdat er altijd leuke beelden te schieten zijn en originele uitspraken te horen. Dat kan voor de betrokken politicus al eens tegenvallen. Het is niet altijd duidelijk of ze zich daar bewust van zijn.

“Nieuwjaar bij Open VLD: één lange aanval op N-VA” kopte Het Nieuwsblad op 14 januari, met een foto van de partijvoorzitster die met verontwaardigde blik naar de zaal brult. In Het Journaal op de VRT kregen we eveneens de strijdvaardige Gwendolyn Rutten te zien en te horen met haar kreet “Ze willen het land kapot.”

Dat was niet goed. In het bedrijfsleven geldt de regel dat je nooit over je concurrenten praat met je klanten, tenzij om lof te spreken over hun producten die je zelf niet in de kast hebt liggen. Vergelijkende reclame werkt als het over vergelijkbare producten gaat maar de politieke boodschappen zijn zo complex dat de man-in-de-straat er weinig van begrijpt. Of het laat hem koud.

Dan maar een vijand kiezen en hem frontaal aanvallen want dat is voor iedereen duidelijk? Geen goed idee want je geeft je tegenstander de kans om te riposteren en voor je het weet lig je knock-out op de grond. Wil je toch die strategie volgen, neem dan een tegenstander die jou niet kan raken zoals de N-VA. Hun schietschijf is de Elio Di Rupo en de Parti Socialiste waar de Vlamingen niet kunnen voor stemmen. Afwachten wat het oplevert.

De lange regeringsvorming na de vorige verkiezingen indachtig, valt te vrezen dat weinig mensen nog belangstelling zullen hebben voor de partijprogramma’s. Daarom wordt het interessant om te volgen hoe de politici zullen proberen hun stem binnen te halen. Misschien kan er een lijst opgemaakt worden van communicatiemiddelen en die te quoteren op duidelijkheid, originaliteit en nog een paar andere criteria om daarna de impact te bekijken op de resultaten van de kandidaten. Hebben de slogans, affiches, speeches, busreclame, evenementen, enz. de verhoopte impact gehad? Daar kunnen lessen uit getrokken worden.

 
De ene Hugo is de andere niet
woensdag 25 september 2013 09:53

Hugo Raes is overleden. Hij kreeg in 1972 de Staatsprijs voor Literatuur voor zijn roman Het Smaràn en nog wat andere prijzen voor zijn literaire werk. Twee dagen na het officiële begin van deze herfst nam hij dezelfde uitgang als die andere Hugo.

De Nederlandse online nieuwsbrief Boeken over Boeken bracht het nieuws met een link naar de blog van Henri-Floris Jespers  http://mededelingen.over-blog.com/article-hugo-raes-overleden-120201851.html : De jongste jaren stel ik echter – alvast in mijn onmiddellijke (literaire) omgeving – een opflakkerende belangstelling voor zijn grillig en moeilijk onder één noemer te brengen oeuvre.

Het valt te betwijfelen of die opflakkering voor een uitslaande brand kan zorgen. Op dinsdag meldde één krant zijn dood in 14 regels. Een andere krant besteedde er 29 regels aan en had toch nog ruimte voor een fotootje van de auteur. Het was dus wachten op de boekenbijlage bij de krant maar tevergeefs. Hugo Raes staat alleen bij de overlijdensberichten met een uitnodiging voor de afscheidsplechtigheid en de vermelding In strikte familiekring zullen we Hugo later aan de natuur toevertrouwen. Zijn begrafenis zal het televisiejournaal niet halen.

Waarom worden schrijvers zo gemakkelijk op de glijbaan naar de vergetelheid gezet? Ligt het aan de kwaliteit van hun werk? In mijn kast staan nog boeken van schrijvers die vandaag zelden of nooit vernoemd worden in de media die ons elke week weer een nieuw meesterwerk voorschotelen. Soms krijg je de indruk dat de recensie al geschreven is nog voor het werk goed en wel bij de drukker ligt. Af en toe durft er eens een recensent tegenwind te geven en af te breken wat door zijn collega’s opgehemeld wordt. De voorbije maanden liet ik mij verleiden tot aankoop van een aantal romans en verhalenbundels die lovende besprekingen kregen. Het zal wel aan mijn slecht ontwikkeld beoordelingsvermogen liggen maar ik vond ze niet goed.

Commerciële waarde hebben die oude schrijvers niet meer want ze kunnen geen columns meer schrijven en niet meer op de podia staan maar ze verdienen toch meer dan 14 regeltjes als ze definitief de pen neergelegd hebben. Hun boeken staan in de bibliotheken om gelezen te worden, niet om de rekken te vullen.

 
Beste Goedele
zondag 15 september 2013 16:00

Ik las in de krant dat je stopt met je magazine, GDL, wegens tijdgebrek. Ik begrijp dat. Je pakt veel dingen aan en probeert daar het beste van te maken. Het lukt misschien niet altijd zoals je het gewenst had maar dat overkomt iedereen die initiatieven neemt.

Lang geleden heb ik je eens ingeschakeld voor een presentatie op het vrachtwagensalon in Brussel toen daar nog vrachtwagens getoond werden. Op de grote stand van het merk waar ik voor werkte en dat toen nog groot was, organiseerde ik drie keer een interview met sportmensen die door datzelfde merk gesponsord werden. Voor die interviews deed ik naast jou beroep op twee sportjournalisten en een presentatrice van een sportprogramma op televisie. Die presentatrice was zo nerveus dat ze voortdurend haar papieren liet vallen. De twee mannelijke sportjournalisten deden het op routine. Eén van hen verweet mij achteraf een gebrek aan professionalisme omdat ik hem niet in het zwart wou uitbetalen. De enige die de opdracht met professionele nonchalance en zonder enige zweem van arrogantie uitvoerde, was jij. Sindsdien heb je mijn respect.

Goedele en daarna GDL kocht ik maar af en toe. Het kost 4,95 €, in oud geld toch zo’n 200 franken, en ik moet al zoveel lezen: twee kranten (in het weekend drie of vier en de bijhorende magazines), Knack, Trends, het vakblad Pub, Ad Rem, DWB, Poëziekrant, een paar magazines over muziek, over geschiedenis en over tuinieren. Wat ik betaald heb, wil ik ook lezen. Gelukkig heb ik weinig slaap nodig.

Toen ik zag dat GDL verdwijnt, ben ik meteen het septembernummer gaan kopen. Ik vreesde al dat ik te laat zou zijn maar neen, er lagen nog een dozijn exemplaren in de krantenwinkel. Dat is veel. Waarom hebben die geen koper gevonden? Het blad is goed en stijlvol gemaakt en bevat veel mooie foto’s en goedgeschreven teksten over relatieproblemen, eten en drinken, de crisis in Spanje en elders, nieuwe producten die volkomen overbodig zijn maar waarvoor we toch zouden moeten gaan shoppen en zelfs een artikel over een automerk maar daar staat dan ‘publireportage’ boven. Ook een column van Saskia De Coster.

Waar hebben we dat nog allemaal gelezen? Overal. Met uitzondering van je seksadviezen maar wie heeft daar nog behoefte aan? De mensen in de doelgroep van GDL niet en de anderen vinden hun gerief elders wel, gratis.

GDL is een product uit de oude economie. We maken iets en creëren dan de behoefte. Spijtig genoeg was die al lang ingevuld.

Uit sympathie zou ik je blad wel gekocht hebben maar het is crisis en ik beperk de nutteloze uitgaven tot het minimum. Maar toch alle respect voor het lef en de durf om het te proberen.

Misschien volgende keer eens goed nadenken over een originele invalshoek want we willen graag lezen maar niet altijd en overal hetzelfde. 

 
Efficiënt omgaan met het internetaanbod
zaterdag 18 mei 2013 07:21

“Op twee weken tijd hadden we een nieuw logo en een nieuwe huisstijl! Voor minder dan de prijs van een bureaustoel.” Ruth Boel (Zaakvoerder Annexe) Elke KMO wordt vroeg of laat geconfronteerd met de vraag: wat met onze website en onze huisstijl? De ‘efficiënte professionals’ van Annexe gingen daar op een originele manier mee om. Of hoe je meer kunt halen uit het dienstenaanbod op het web…Ruth Boel, zaakvoerster van Annexe bvba: “Zowel ikzelf, als mijn collega Jan hebben het afgelopen jaar een aantal cursussen gevolgd rond website-optimalisatie. Van ‘schrijven voor het web’ over ‘search engine optimisation’, ‘website screening en ‘internetmarketing’. Bleek na enig onderzoek dat onze Annexe-website verre van geoptimaliseerd was voor de courante zoekmachines.” “Daarom hebben we prompt een nieuw websiteconcept uitgewerkt, volgens de nieuwe internetstandaards en volledig geoptimaliseerd voor een beter zoekmachineresultaat. Daarbij maakten we ons wel de bedenking… als we toch onze website in een nieuw kleedje steken, waarom niet meteen ons logo en onze huisstijl een upgrade geven?” “Mijn collega Jan opperde daarop het idee om de site ontwerpen-voor-geld.nl in te schakelen. Daarop kan je een wedstrijd uitschrijven, waarin je jouw wensen voor bijvoorbeeld je logo en huisstijl uitlegt en meteen ook een bedrag aangeeft dat de winnende ontwerper zal ontvangen. Alle ontwerpers die lid zijn van de site, kunnen dan naar hartenlust ontwerpen maken en die publiceren op jouw wedstrijd. Als opdrachtgever kan je die ontwerpen sterren geven en, mits een kleine meerprijs, zelfs één op één met de ontwerpers mailen om hen bijkomende aanwijzingen te geven. Je kunt ook feedback op het ontwerperforum zetten, zodat alle deelnemende ontwerpers die kunnen lezen.” “Uiteindelijk hebben we uit de talrijke inzendingen drie favoriete ontwerpen gekozen en ze in een poll geplaatst waarbij familie en vrienden konden stemmen.” De winnaar van de poll is Cor Oldenhuis, een freelance grafisch vormgever. Het nieuwe logo is meteen geïntegreerd in de website en de nieuwe huisstijl. “Voor ons was het alvast een zeer leuke ervaring,” zegt Ruth. “Op twee weken tijd konden we een nieuw logo en dito huisstijl kiezen, en dat op een zeer budgetvriendelijke manier.” Of hoe je het internet op een creatieve manier en op maat van de KMO kunt inschakelen om aan bepaalde vragen of behoeften te voldoen. Het is de sterkte van Annexe om budgetvriendelijke oplossingen te zoeken; ze passen die sterkten uiteraard ook zelf toe. Met resultaat. Annexe begeleidt ambitieuze KMO's die hun groei zien stagneren om efficiënter te werken op kantoor zodat ze zich optimaal kunnen focussen op hun core business. Annexe is het klankbord en de helpende hand in het streven naar groei, duurzaam professionalisme, hoge klantentevredenheid en betrokken medewerkers. De kennis van Annexe is onder meer het resultaat van de talrijke cursussen die Ruth Boel en collega Jan volgen (gemiddeld drie per maand). Kennis die ze maar wat graag doorgeven aan hun klanten. • Advies en ondersteuning bij de kantoororganisatie en bedrijfsadministratie • Venice facturatie- en boekhoudsoftware en Isabel • Workshops Venice, GTD, Clean Desk, SOS Administratie, Debiteurenbeheer en HR Onthaal Contact Ruth Boel T 03 664 37 28 – 0472 664 964 E-mail Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. www.annexe.be

 
De woordvoerder is een stootkussen
zaterdag 11 mei 2013 07:52

Bij een crisis is de communicator of de woordvoerder bliksemafleider, schietschijf en stootkussen en dat is goed want zo worden de voyeurs en commentatoren afgeleid van de plaats waar het echte werk gedaan wordt.

In de kranten reageert gouverneur Jan Briers op de kritiek en verwijten die hij kreeg van journalisten en politici over zijn communicatie bij het spoorwegongeval in Wetteren. Daar is geen reden voor. De gouverneur heeft gedaan wat hij kon en die aanvallen, vooral uit de politieke hoek, waren te verwachten.

In een crisissituatie die zich voordoet in de publieke ruimte zijn gouverneurs en burgemeesters niet de meest geschikte woordvoerders. Ze hebben allebei een politieke kleur en dus per definitie tegenstanders die op vinkenslag liggen om aan te vallen. Een burgemeester moet daarenboven de volgende verkiezingen winnen om zijn mandaat te kunnen verlengen en zijn opponenten  in en buiten zijn partij zullen elke misstap aangrijpen om hem onderuit te halen. Daarom is beter een onafhankelijke woordvoerder aan te stellen, iemand die niet gebonden is aan het publieke forum maar wel het klappen van de zweep kent en kan incasseren. Een vakman dus.

Wat zijn de vereisten?

1. Kennis en ervaring. Elke crisis is anders maar de basisprincipes van de communicatie zijn altijd hetzelfde en de vakman heeft een plan, een blauwdruk die hij snel kan invullen naargelang de situatie.

2. De media kennen. “Ik ken mijn pappenheimers,” zijn een CEO waar ik ooit voor werkte en hij ging zelf even aan de journalisten uitleggen dat ze het bij het verkeerde eind hadden. Hij werd afgekraakt en moest uiteindelijk de baan ruimen.

3. De gave van het woord. De uitleg mag nooit technisch zijn maar klaar en duidelijk verstaanbaar  voor elk publiek.

4. Kunnen afwegen. He doesn’t hide the truth … . He just filters it. De slogan bij de film ‘Thank you for smoking’ kan vaak toegepast worden op het werk van elke woordvoerder. Te veel communiceren leidt tot miscommunicatie. De woordvoerder moet alles weten en maar niet alles zeggen.

5. Kunnen incasseren. De woordvoerder krijgt kritiek uit elke hoek. De journalisten verwijten hem dat hij niet alles zegt wat hij weet en als in de pers zaken verschijnen die niet correct zijn krijgt de woordvoerder de schuld en de opdracht dat recht te zetten (wat zelden lukt). Hij weet dat en hij kan daar tegen en laat zich niet van zijn stuk brengen.

6. Onafhankelijkheid. Dat is relatief omdat de woordvoerder een opdrachtgever heeft maar hij moet in ieder geval geen rekening houden met de volgende verkiezingen. Hij zet zijn opdrachtgever uit de wind. Vliegt hij zelf weg bij de volgende windhoos dan zoekt hij wel een andere opdrachtgever.

7. Jaren op de teller. Een jonge woordvoerder wekt geen vertrouwen bij het publiek en heeft daarenboven vaak het lef niet om informatie te eisen van zijn opdrachtgever, het management of de deskundigen die de crisis proberen op te lossen.

Een woordvoerder en bij uitbreiding een communicator heeft aangeboren talenten die hij verder ontwikkelt door scholing en ervaring. Een cursus volgen is goed maar men wordt er geen specialist door. Iedereen kan (met een beetje goede wil en een spellingcontrole) foutloos schrijven maar is daarom geen journalist.

 
Er zijn te veel goede programma's.
vrijdag 26 april 2013 09:51

Neem nu maandag. Op Eén ‘Ten Oorlog’ om 20u35. Op 2BE ‘Wat als?’ om 20u35. Op Arte: ‘50° nord om 20u50. En dan zijn er nog al die series die we volgens de kranten en weekbladen niet mogen missen. Het is lastig om volgen, voor ons kijkers.

Maar dankzij de decoders kunnen we toch proberen het allemaal te volgen, of bijna allemaal want we willen ook nog boeken lezen, een moestuin aanleggen en koken voor de vrienden. We kunnen niet anders dan terugspoelen of opnemen. De digicorder neemt ook de stress uit het huishouden. Om 7 uur kunnen we rustig blijven tafelen en na het afruimen het nieuws bekijken in ‘uitgesteld relay’ zoals ze dat vroeger noemden en omdat televisiekijken veel tijd vraagt, spoelen we de reclame door. Tot grote ontevredenheid van de commerciële zenders.

De CEO van de Vlaamse Mediamaatschappij is dan ook boos op Telenet en Belgacom omdat zij ons die dienst gratis ter beschikking stellen. Maar is dat niet une guerre en retard uitvechten?

“De reclamemarkt boert achteruit”, las ik in de krant. In januari en februari is maar voor 500 miljoen reclameruimte gekocht of 24 miljoen minder dan in dezelfde periode vorig jaar.

Reclamemakers en –media vechten voor het grootste stuk van de kleiner wordende taart en vooral televisie is onderwerp van discussie. Dat is begrijpelijk want televisiecampagnes zijn lucratief voor de bureaus en nodig voor de commerciële zenders. Zolang televisie de meest passieve ontspanning was, kon het feest niet op maar dan kwam de afstandsbediening, ontwikkeld door de producenten van televisietoestellen om ons aan te zetten een nieuw toestel te kopen. We konden vrolijk wegzappen van de reclameblokken zonder onze lome ledematen te moeten bewegen en dan bleven we al eens hangen bij een programma dat we beter vonden. Dat vonden de programmamakers niet leuk en de adverteerders ook niet maar dat zit nu eenmaal in het DNA van reclame: het verveelt snel. De digicorder heeft alvast één probleem opgelost: we blijven bij ons programma of we bekijken het later.

Nu nog de reclame. De oplossing is simpel: zorg dat we ons niet vervelen en die spot met plezier nog twee en drie keer willen bekijken en koppel hem op een creatieve manier aan de andere media die we ook consumeren, zoals kranten en weekbladen.

De reclamewereld zal de techniek niet kunnen dwingen zich aan te passen maar omgekeerd kan het misschien wel. Het zijn boeiende tijden voor al wie de media volgt maar één ding is zeker: de kijker is de baas.

 
KnipoogDag in Gent op zondag 24 maart
zaterdag 16 maart 2013 07:20

Het verhaal van mijnheer Perdu, het Miljoenenkwartier, een Café Dansant in het Vooruit café, een kijkkastenparcours voor dansliefhebbers, de Operastudio Vlaanderen, een gezinsworkshop rond Lego, een creatieve workshop voor kinderen rond hedendaagse beeldende kunst, … Gent met een knipoog ontdekken tijdens de

KnipoogDag Gent – zondag 24 maart 2013

De KnipoogDag is een cultureel stadsfestival waarmee vtbKultuur zijn culturele seizoen opent voor zijn leden én alle cultuurliefhebbers in Vlaanderen.

Op zondag 24 maart 2013 is Gent de gaststad voor de vierde editie.

Gent heeft een rijk historisch verleden maar kreeg in 2009 van de Unesco ook de titel ‘Creative City of Music’. In 2013 is het 100 jaar geleden dat in Gent de Wereldtentoonstelling plaatsvond en met het Design Museum, het SMAK, het Museum Dr. Guislain en talrijke kunstgalerieën toont Gent zich ook een hippe kunststad.

Redenen genoeg om Gent uit te kiezen voor de vierde editie van de KnipoogDag.

vtbKultuur biedt de deelnemers aan de KnipoogDag op zondag 24 maart een voormiddag- en een namiddagprogramma aan om de stad te verkennen aan de hand van vier verschillende thema’s:

  • De Bijlokesite
  • Gent als muziekstad
  • Gent in 1913
  • Gent als hippe kunststad

Tussen 12.00 u. en 18.00 u. worden de deelnemers getrakteerd op een gevarieerd programma met bezoeken, rondleidingen, wandelingen, workshops en muzikale optredens. Wie in de voormiddag al op stap wil, kan zich inschrijven bij een vtbKultuur-afdeling.

Thema 1: De Bijlokesite

De Bijlokesite is dè culturele en creatieve hotspot van de stad en wordt op 24 maart het kloppend hart van de KnipoogDag.

Het STAM, het KASK ‘school of arts’, les ballets C de la B, … kunnen bezocht worden en er vinden er allerlei muzikale optredens en workshops plaats op de site.

Thema 2: Gent als muziekstad

In 2009 kende de Unesco Gent de titel ‘Creative City of Music’ toe. Gent is een muzikaal centrum met een aantal grote muzikale bakens en cultuurhuizen.

Bootjes brengen de deelnemers vanaf de Bijlokesite naar de Handelsbeurs en de Vooruit, voor een bezoek aan de gebouwen en een optreden.

Thema 3: Gent in 1913

In 2013 is het exact 100 jaar geleden dat in Gent de Wereldtentoonstelling plaatsvond. De Kleine Expeditie zorgt voor een unieke beleefwandeling onder leiding van een gids in het Miljoenenkwartier, de residentiële burgerwijk gebouwd tijdens het interbellum op de voormalige Expo-grond.

Tijdens de wandeling nemen vertellers op verschillende plekjes in de wijk de deelnemers op sleeptouw doorheen de geschiedenis van het Miljoenenkwartier en gaan “Op zoek naar mijnheer Perdu…”

Thema 4: Gent als hippe kunststad

De themaroute Gent als hippe kunststad wordt een ontdekkingstocht in de Gentse binnenstad langs de route van tramlijn 1 met galerieën die worden opengesteld, verborgen architecturale pareltjes, kunstwerken in de publieke ruimte en een bezoek aan het Design Museum en het Museum Dr. Guislain met een rondleiding doorheen de tijdelijke tentoonstelling Nerveuze vrouwen. Twee eeuwen vrouwen en hun psychiaters.

Praktisch

-Inschrijven vooraf bij vtbKultuur: 03-224 10 52, info@vtbkultuur.be

-Op de dag zelf aan het onthaal op de Bijlokesite.

-Via een vtbKultuur-afdeling in de buurt: www.vtbkultuur.be (vtbKultuur in jouw buurt)

Ook via Uitbureau in Gent kunnen tickets aangeschaft worden: 09-233 77 88 of Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien. .

Prijs

5 euro (leden) – 7 euro (niet-leden)                 

Uitgebreide informatie: en foto’s van vorige edities

www.knipoogdag.be

Contact

Elke Aerts - communicatiemedewerker

Osystraat 35, 2060 Antwerpen                               

t 03-224 10 52, f 03-224 10 56 - Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft Javascript nodig om het te kunnen zien.

 
Bolivar was een muis
vrijdag 08 maart 2013 21:04

Elke stad met een beetje allure heeft een Bolivarplein of een Bolivarstraat. In Brussel werd in 1983 een ruiterstandbeeld van Simon Bolivar ingewijd op de Franklin Rooseveltlaan rechtover de oude VUB-campus en in december 2011 werd nog een standbeeld voor hem ingehuldigd aan de Simon Bolivarlaan aan het Noordstation.

Telkens als ik daar voorbijkom, moet ik aan een andere Bolivar denken, een stripfiguurtje van Michel Regnier, beter bekend onder zijn artiestennaam Greg. Bolivar was een muis die de hoofdrol speelde in korte gags gespreid over twee pagina’s en die het altijd aan de stok kreeg met Señor Coyote. Bolivar won altijd het pleit. Amerikaanse tekenfilms zullen ongetwijfeld inspiratie geleverd hebben.

Bolivar

De strip verscheen zeer onregelmatig in het weekblad Kuifje in 1962 en 1963. Ik betwijfel of ze ooit in albumvorm uitgegeven zijn maar ik heb die oude jaargangen bewaard en bij het doorbladeren stel ik vast dat wij toen al heel wat kennis opgedaan hebben dankzij dat weekblad. Ik vind ik er artikels in over jazzmuzikanten als Thelonius Monk, John Coltraine en vele anderen, twee pagina’s over het komende jazzfestival Comblain-La-Tour (in 1962) en zelfs een jazz-prijsvraag. Historische figuren, gebeurtenissen en tijdperken kwamen aan bod in stripverhalen van 6 of 8 pagina’s (bijv. De eeuw van Perikles)en in artikels (over o.a. Guido Gezelle en Hendrik Conscience) tussen de strips van Alex (De verloren legioenen), Rik Ringers, Chick Bill, Dan Cooper, Michel Vaillant e.a. In één van die vervolgverhalen dat zich afspeelde in het Baskenland maakten we kennis met de pelota, de nationale sport in die regio.

Dankzij het weekblad Kuifje “voor lezers van 7 tot 77” pikten we heel veel algemene kennis op. Die mix van pure ontspanning en informatie was ongetwijfeld een marketingzet om de volwassenen aan te zetten dat blad voor hun kinderen te kopen maar het resultaat was er wel en ik ben mijn vader nog altijd dankbaar dat hij iedere dinsdag 10 F (0,025 €) neertelde voor ons.

Het was een andere tijd, een andere eeuw en het weekblad Kuifje bestaat niet meer. De jongeren hebben andere vormen van ontspanning. Hun algemene kennis blijkt er niet op verbeterd te zijn. Als de kandidaat leraren niet weten wie Nelson Mandela is, zullen ze zeker niet weten wie Simon Bolivar is als de kranten schrijven dat Hugo Chavez zijn beleid een Bolivariaanse revolutie noemde.

Ik weet tenminste dat het ook een muis is.

 

 

 

 
Waarom paardenvlees wel en sociale problemen geen impact hebben op een merk.
zondag 03 maart 2013 14:48

Nu is het de beurt aan Zalando, de online webshop die overal opduikt als je op het net aan het werk bent en met leuke televisiespots inspeelt op de liefde van de dames voor schoenen.

Onder de titel ‘Moderne slavernij bij Zalando’ rapporteerde De Morgen over wantoestanden in het distributiecentrum van de online winkel in Duitsland die aan het licht gebracht werden door een reportage op de Duitse zender ZDF. Zalando schuift de verantwoordelijkheid door naar een onderaannemer.

Natuurlijk vinden we het allemaal erg als we zien dat arbeiders met hun blote voeten in een gifsmurrie staan om de stof voor onze jeansbroeken te produceren of dat tientallen arbeiders omkomen in de brand van hun sweatshop ergens in India. Heeft dergelijke berichtgeving ook enige impact op ons koopgedrag? Ik geloof het niet. We liggen er niet van wakker.

Ford is in Europa geen topmerk meer en dat zal ook in België niet snel veranderen maar dat heeft niets te maken met de sluiting van Fordfabrieken maar met het imago van de producten. Ford heeft geen imago. Op de kwaliteit van hun auto’s valt waarschijnlijk weinig of niets op aan te merken. BMW heeft wel een imago al werd het letterwoord in mijn jonge jaren vaak omgezet in ‘bucht met wielen’. BMW is een topmerk vandaag dat erin geslaagd is de bezitter de indruk te geven speciaal te zijn, niet zoals de anderen. De topmerken in de autowereld hebben het individualisme tot statussymbool gepromoveerd.

Sociale problemen in fabrieken, of ze nu in Azië liggen of in onze achtertuin, beïnvloeden niemand. Het jaar dat Renault Vilvoorde de deuren sloot, werden er in België meer auto’s van dat merk verkocht dan ooit tevoren en in januari dit jaar stond Renault op plaats 2 van de best verkochte merken in ons land. Sociale problemen draaien om solidariteit, om een samenhorigheidsgevoel in de maatschappij en niet om het individuele geluk dat te koop wordt aangeboden.

Maar als er geknoeid wordt met wat we op ons bord krijgen, reageren we massaal. In dezelfde editie van De Morgen (van 28/2/2013) lezen we dat de producenten van lasagne en andere direct-klaar maaltijden de productie moeten terugschroeven omdat de verkoop ingezakt is door het paardenvleesschandaal. Dat raakt ons. Het is een schande. De voedselagentschappen en experts mogen nog bij herhaling zeggen dat er niets mis is met de voedselveiligheid, die producenten van bereidingen met gemalen vlees zullen een stevige inspanning moeten leveren om het vertrouwen van de consument terug te winnen. Deze keer gaat het niet om ‘de anderen’ maar om onszelf en onze naaste familieleden en dan reageren we met een boycot. Die producten kopen we niet meer. Voor een tijdje dan toch.

Bedrog en mogelijke risico’s op onze (individuele) gezondheid, straffen we af maar slechte arbeidsomstandigheden veranderen ons koopgedrag niet. Hoe zou dat komen? In elk geval koop ik vanaf nu alleen nog roomijs van IJsboerke.

 
Over reclame, de idioot in ons, het nieuws en schoenen. Schoenen ?
zondag 02 december 2012 15:08

Hoe ouder ik word, hoe meer ik alles in twijfel trek. De weekendkrant De Standaard maakt het er niet beter op. Eerst lees ik daar een artikel met de titel ‘We zijn nu eenmaal als idioten geboren’. Filosoof Ruben Mersch heeft een boek geschreven, Oogklepdenken, waarin hij uitlegt “dat we elke dag beslissingen nemen op basis van redeneerfouten”. Mersch wil de mensen helpen in te schatten hoe zeker ze van iets kunnen zijn. Niet erg zeker.

Even verder bladeren in de krant en ik kom bij een artikel over een rapport dat de Nederlandse academische wereld doet daveren op haar grondvesten: Diederik Stapel – hij was een van de bekendste ‘mediaprofessoren van Nederland – heeft jarenlang allerlei theorieën verkondigd in publicaties en in de media gebaseerd op onbestaand onderzoek. Hij fantaseerde het allemaal bij elkaar. Hij was verbonden aan de Universiteit van Tilburg. “Hij was er een van de ‘coryfeeën’, onder meer ook de decaan van de Tilburg School of Social Sciences.

Nog een paar bladzijden verder in dezelfde krant: Nieuws in turbulente tijden. Als de krant wedijvert met Twitter. Hoofdredacteur Karel Verhoeven zegt dat een krant autoriteit moet hebben. “Als ze wil dat haar lezers blijven lezen, zal ze de zin van de onzin moeten scheiden.” Zo is dat.

Tenslotte kom ik achteraan in de krant uit bij een artikel over John Hegarty: Britse reclameveteraan over de geheimen van het vak. “De uitdrukking ‘levende legende’ is misschien wel wat aan inflatie onderhevig. Maar bij Sir John Hegarty is ze zonder meer van toepassing.” Sir John is op 7 december spreker op een marketingcongres. Journalist Ruben Mooijman zegt hem dat veel reclamemakers denken dat je je boodschap moet aanpassen aan je doelpubliek. Sir John weerlegt dat. “Een merk wordt niet gemaakt door de mensen die het kopen, maar door de mensen die erover gehoord hebben.” Als voorbeeld haalt hij Lady Gaga aan: “Ik zal nooit naar een concert van Lady Gaga gaan, en ik zal ook nooit een cd van haar kopen of downloaden, maar ik weet wel waar ze voor staat.” Daar zal Lady Gaga heel blij om zijn. Sir John gelooft nog altijd in de kracht van televisiereclame. Ik ook. Alhoewel.

Onlangs had ik een gesprek met de bedrijfsleidster van een middelgroot bedrijf en kwam de televisiespot van de online schoenenverkoper Zalando ter sprake. Tot mijn verwondering toonde deze intelligente en stijlvolle dame zich zeer enthousiast. Haar medewerksters waren blijkbaar allemaal tevreden gebruikers en met trots toonde ze mij de schoenen die ze zelf droeg en loofde al de voordelen van die online winkel. In die korte spot is Zalando er dan ook in geslaagd alles te verwerken wat met damesschoenen te maken heeft: de man die er een hekel aan heeft, de vrouw die er verslaafd aan is en de koerier die het niet allemaal goed kan vatten. Een week later zag ik de dame terug en vroeg of ze nog bij Zalando geshopt had. “Nee, natuurlijk niet,” zei ze. “Die schoenen komen niet van Zalando maar van een andere online winkel. Er zijn er tientallen. Je moet maar eens kijken op Google.” Heb ik niet gedaan.

Wat heb ik nu geleerd? Dankzij de televisiespot ken ik nu Zalando en ik behoor niet tot de doelgroep. Bij de doelgroep is Zalando nu een bekend merk maar ze koopt daar niet. In de krant staat dat ik uit mijn onderzoeksresultaat geen conclusies mag trekken. De krant is niet altijd geloofwaardig en ik ben  als idioot geboren.

Dat laatste zal wel kloppen. Ik dacht dat ik wel iets wist van enquêtes en studies, van nieuws maken, van reclame. Ik leg de krant opzij en sla dS Magazine open dat erbij zit. Eerste pagina : Er was eens een schoen … . Van Lieve Van De Velde nog wel, Chef van De Standaard Magazine. Help !

 
‘Birdwatching’. Over het taalgebruik in ‘De slimste mens’.
zaterdag 24 november 2012 16:29

‘De slimste mens’ was niet alleen een  programma om eens goed te lachen maar was ook boeiend om de taal van de deelnemers, juryleden en presentator  te observeren.

Ik ben een fervent  verdediger van het Standaardnederlands en ik erger mij vaak over het taalgebruik van presentatoren op de radio en de televisie en in reclamespots, om nog niet te spreken van de vox populi die we dagelijks geserveerd krijgen.  In ‘De slimste mens’ was het ook niet altijd Standaardnederlands dat we te horen kregen. Tot mijn eigen verwondering stoorden die taalvarianten mij niet. ‘Gij’ en ‘jij’ werden vrolijk door elkaar gebruikt, scheve zinsconstructies waren schering en inslag en over regionale accenten werd niet moeilijk gedaan.

Een proeve tot verklaring:

De deelnemers aan de quiz  waren nerveus en heel geconcentreerd waardoor ze ook heel natuurlijk overkwamen en dat wekt sympathie. Van arrogantie of zelfoverschatting was geen sprake. Ze stelden zich kwetsbaar op en dan willen we hen alles vergeven.

Ook de juryleden kwamen natuurlijk over, wat in het verleden vaak niet het geval was. Philippe Geubels was humoristisch, zelfs in de grappen die op voorhand ingestudeerd waren, en zijn taalgebruik hoort bij hem. Hij schrijft het zelf op de openingspagina van zijn website: “Ja, ik praat altijd zo.” Op diezelfde website staat ook een hoofdstuk ‘Stukseneten’. Iets anders zou daar misstaan.

De Standaard en NRC Handelsblad publiceerden de voorbije week interessante taalbijlagen en de reeks begon maandag met ‘Nederland versus Vlaanderen’. Daar kregen we ook een illustratie van in ‘De slimste mens’ toen de Nederlandse kandidate Paulien Cornelisse  het finalespel verloor omdat ze het woord‘pendelaars’ niet kende. In Nederland zijn dat ‘forenzen’. Ze begreep ook niet altijd wat er gezegd werd alhoewel we geacht worden dezelfde taal te spreken. Ze heeft in elk geval onze sympathie gewonnen.

Op de website BBC News Magazine (www.bbc.co.uk/news/magazine) stond in september een artikel Britishisms and the Britishisation of American English. Blijkbaar hebben nogal wat Amerikanen een probleem met een invasie van typisch Britse woorden en uitdrukkingen in het Amerikaans. Ben Yagoda, een professor Engels aan de universiteit van Delaware vindt het boeiend om volgen. “I enjoy seeing them,” zegt hij in het artikel. “It’s like a birdwatcher. If I find an American saying one, it makes my day!”

Engels en Amerikaans zijn twee varianten van dezelfde taal. Moeten we onze tussentaal ook zo gaan bekijken? Waarom stoor ik er mij de ene keer mateloos aan en zie ik er bij een andere gelegenheid geen graten in dat iemand al eens een zijweg van het Standaardnederlands inslaat? Waarschijnlijk omdat het in het laatste geval als natuurlijk overkomt. Zo luister ik met plezier naar echte Brusselaars en Antwerpenaars die een sappig verhaal vertellen in hun dialect maar gaat mijn maag keren als ik één of andere journalist, publicist of acteur datzelfde dialect hoor gebruiken op een geforceerde manier,  alleen maar om interessant over te komen.

Het taalgebruik in ‘De slimste mens’ was niet geforceerd omdat de deelnemers zich heel natuurlijk gedroegen (op één uitzondering na) maar daarom moeten we het Standaardnederlands niet bij het restafval zetten.

 
11 november is ook een volksfeest
zaterdag 10 november 2012 08:25

In en rond Mechelen en Aalst en elders in het land wordt op 11 november  ‘Sinte-Mette’ gevierd. Mijn Duitse vrienden vertellen mij dat er bij hen lampionoptochten gehouden worden en dat voor Sint-Maarten de gans geslacht en gebraden wordt.

In Mechelen doet het Sinte-Mette Genootschap er veel aan om een oude traditie in leven te houden en dat is goed want Sint-Maarten mag dan ook buiten onze grenzen, in Nederland, Noord-Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk gevierd worden, hij is helemaal in de schaduw geduwd door Sinterklaas. Daar kan die Turk zelf niets aan doen. De ‘commercie’ en de media met de televisie op kop, zoeken altijd naar een grootste gemene deler, een figuur of evenement die de grootste massa aanspreekt en een televisietoestel straalt zoveel licht uit dat Sint-Maarten niet meer te zien is. Bovendien hangen aan die bisschop met zijn zwarte knechten fijne verhalen met een streepje horror en een mirakel: kinderen die eerst vermoord en dan gepekeld in een ton gestoken worden en daar weer levend uitkomen dankzij de grote kindervriend, dat spreekt meer aan dan een Romeinse soldaat die zijn mantel deelde met een bedelaar.

Sint-Maarten is een bedelfeest, ooit bedoeld om de arme stakkers te helpen de koude wintermaanden te overleven. Vandaag is het een feest voor de kinderen die zich mogen verkleden en de straat op trekken om snoep te verzamelen. Bedelen moeten ze al lang niet meer doen maar het zou niet slecht zijn hen te vertellen over die barre tijden. Ze zouden wel eens terug kunnen komen.

Taalkundig is Sinte-Mette interessant omdat het er ons aan herinnert dat in het Vlaams de umlaut gewerkt heeft (denk aan ‘kaas’, ‘kees’ in de Brabantse dialecten, ‘koas’ in Oost-Vlaanderen en elders). In het Standaardnederlands heeft de democratie van de meerderheid die umlaut uit onze taal gekegeld maar de Duitsers hebben twee puntjes op hun kaas gezet. En ik vind zoiets interessant.

Volkse tradities vind ik ook interessanter dan het geïmporteerde plezier van Halloween en de made-in-China rommel die binnenkort weer aan gevels en in voortuintjes zal verschijnen, misbaksels van kerststallen op rotondes en kerstverlichting boven de in lange linten uitgerokken winkelstraten die ’s avonds alleen maar tristesse verhogen.

Ik heb niets tegen de kerstsfeer maar het moet ‘sfeer’ zijn en die krijg ik wel met de CD die Jan De Wilde vorig jaar uitbracht met het ensemble Currende, ‘O Kersnacht, Schooner Dan De Daegen’, weggezakt in de zetel naast de kerstboom met een boek en een trappist. Dat is een traditie die ik niet verloren wil laten gaan.

 
Tussen 1 en 11 november
zondag 04 november 2012 13:50

Het is 4 november en ik ben het boek van Stefan Brijs aan het lezen, Post voor mevrouw Bromley.

Op 4 november 1918 stierf Private A. Carlill van het Loyal North Lancs. Regt. , een paar dagen nadat hij in België aangekomen was. Hij was 19 en ligt begraven op het Deutscher Soldatenfriedhof in Langemark tussen 44.000 Duitse soldaten. Een week voor het einde van de oorlog. Ook Private H. Lockley van het Seaforth Highlanders ligt daar. Hij stierf op 30 oktober van datzelfde jaar.

Straks gaan we nog naar het kerkhof. Het is nog een beetje Allerheiligen. Op elk kerkhof is een heldenpark voor soldaten die sneuvelden in één van de wereldoorlogen, de enige doden die er altijd zullen blijven liggen. Op 11 november leggen de notabelen daar bloemen neer. Toen ik op de lagere school zat, moesten we daar aan meedoen, aan de Heldenhulde. Eerst een mis, dan een plechtigheid aan het monument van de onbekende soldaat naast de kerk en dan naar het kerkhof. Toen ik in het vijfde en zesde studiejaar zat, was ik de langste van de klas en kreeg daarom ik de eer de driekleur van de school te mogen dragen. Ik herinner er mij vooral van dat het altijd heel slecht weer was en ik dat dik tegen mij zin deed, eer of geen eer.

In de zomer bezochten we Ieper met mijn schoonzus en haar man die nog eens in het land waren. Ze wonen in Bournemouth en Brian, mijn zwager, had nooit de slachtvelden bezocht.

Brian Norman, ongetwijfeld was één van zijn voorvaderen het kanaal overgestoken met Willem de Veroveraar.

Tyne Cot was onze eerste halte en in het register keken we of er een Norman onder de 11.952 grafstenen lag maar dat bleek niet het geval.

Omdat we honger en dorst hadden, stopten we bij het eerste bord met ‘brasserie’ dat we tegenkwamen en dat bleek Passendale te zijn en het Memorial Museum. Toeval. Ik had de uitstap niet echt voorbereid.

Daarna wou ik hen Het treurende ouderpaar van Käthe Kolwitz laten zien en we reden naar de Duitse militaire begraafplaats van Langemark waar een niet al te vriendelijke gids mij uitlegde dat we in Vladslo moesten zijn maar we hadden Ieper nog niet gezien. Tot mijn verwondering had niemand in ons gezelschap al van Käthe Kolwitz gehoord.

In Ieper liepen we lang genoeg rond om bij het museum aan te komen als het gesloten was maar de Last Post ceremonie zouden we niet missen.

Tegen acht uur wandelden we naar de Menenpoort waar we een dozijn geïnteresseerden verwachtten maar er stonden honderden mensen te wachten op de komst van een regiment van RAF Airmen, de Friends of the Somme, nabestaanden van gesneuvelden en van Eddy Merckx. Ze legden allemaal een krans. Puur toeval dat wij daar die dag ook waren.

De volgende dag, bij het bekijken van de foto’s, besefte ik beter waar we stomweg terechtgekomen waren: in Passendale waar in honderd dagen 500.000 soldaten weggemaaid werden, in Langemark waar voor het eerst in de geschiedenis gifgas ingezet werd, aan de stadspoort waar de soldaten naar hun dood marcheerden, met Eddy Merckx, mijn jeugdheld.

Ik ben halfweg Post voor mevrouw Bromley en weet nog niet of de protagonist zich zal aanmelden om naar de loopgraven te trekken.

Vanochtend las ik in bij een kop koffie en een koffiekoek in de krant De Morgen dat Jacques Perk op Allerheiligen in 1881aan tbc gestorven is. Perk was een dichter, waarschijnlijk net zo onbekend als Käthe Kolwitz. Een jaar voor zijn dood schreef hij het gedicht Bij ’t graf:

De grijze, die zijn dorpje nooit verliet,
Had daar gezwoegd, bemind en liet er 't leven;
Waarom hij leven moest, dat wist hij niet:

Gij waant u, zwerver, boven hem verheven...
Wat deed gij, zo de dood ù nederstiet,
Dan leven, laten leven, leven geven?

In onze tuin bloeien nog rozen en in Antwerpen loopt de Boekenbeurs.

Het is november. Zondag zal er veel volk staan aan de Menenpoort.

 
Leve de sponsors !
woensdag 24 oktober 2012 09:28

Ik heb het geluk gehad anderhalf jaar te mogen meedraaien in de sponsoring van een professioneel wielerteam: Lotto-Adecco-ABX. Ik was de Marc Six uit de serie De Ronde van Jan Eelen. In het echt was ik communicatie directeur bij ABX Logistics Wordwide, het transportbedrijf van de NMBS. Nog voor ik definitief mijn handtekening mocht zetten onder mijn contract was mij al gezegd dat we een wielerploeg zouden sponsoren. Het was één van de redenen dat ik mijn uiterste best deed om de job te krijgen.

Met  ver- en bewondering kijk ik naar de Rabobank-saga. Niet omdat de bank haar sponsoring stopt maar om al de aandacht in de media die ze ervoor krijgt. Zodra het vrijdag bekend was, werd het een hoofdthema in het nieuws, eerst op de radio en de websites en daarna op televisie en een dag later in de kranten: interviews, duiding, commentaren. In al de voorbije jaren heeft de wielerploeg nooit zoveel reclame gegenereerd op zo korte tijd. Ik denk niet dat Rabobank hier ooit de voorpagina’s van de kranten gehaald heeft. Het is ook een sterk verhaal. Een bank beslist om de sponsoring stop te zetten van een professionele wielerploeg omdat ze niet meer gelooft dat de toplui in de overkoepelende organisaties onwillig zijn om de rotzooi in hun sport op te ruimen. Quod erat demonstrandum.

Volgend jaar rijdt de ploeg nog wel met de centen maar zonder het logo van de bank op de shirts. Wedden dat de commentatoren het nog een seizoen lang zullen hebben over de Rabobank- of ex-Rabobankploeg en de lange en saaie momenten zullen vullen met verklaringen, uitleg, enz. enz.? De reclame voor de bank zal nog even doorlopen.

Het sponsorcontract loopt nog een jaar en als Rabobank tegen het einde van het seizoen had medegedeeld dat ze na al die jaren wat anders wil doen, of dat het communicatiebudget ingekrompen is omwille van de bankencrisis hadden ze ook wel een paar artikels gekregen. Maar ook niet meer dan dat.

Ik doe mijn hoed af voor de communicatieverantwoordelijke bij Rabobank: perfecte timing, goed verhaal uitstekend gebracht door de Financieel Directeur (of is hij COO?):  cool gemengd met emotie. Het wordt ongetwijfeld een case study in de communicatieopleidingen aan de hogescholen en de universiteiten.

En de wielersport? Die zal er niet aan doodgaan. Die zal immens populair blijven. Ik verzamelde vroeger prentjes van Rik Van Looy en Rik Van Steenbergen die toen nog actief was op de piste, ik keek met bewondering naar Eddy Merckx, naar Patrick Sercu die geweldig kon surplassen op de piste, naar Roger De Vlaeminck die vond dat Franstalige journalisten hem in het Nederlands moesten interviewen. Zoveel jaren later was ik gelukkig als een klein kind omdat ik voor en na de persconferentie, waar ABX aankondigde sponsor te worden van de Lotto-ploeg, een babbel mocht doen met Roger De Vlaeminck en toen Patrick Sercu onze bus opstapte waarmee we klanten de koers lieten volgen. Belachelijk? Je had die klanten eens moeten zien. Van Lance Armstrong was ik nooit fan. Hij reed maar één wedstrijd. Voor Armstrong was de koers een middel, geen doel.

Met ABX is het slecht afgelopen. Dat had natuurlijk niets met hun sponsoring te maken, integendeel zelfs. Ik kreeg e-mails van bedrijfsleiders uit België, Duitsland, Engeland, zelfs Singapore, die ons feliciteerden en zegden dat ze opnieuw klant werden omdat we in de koers stapten en terloops vroegen of ze een paar truitjes konden krijgen.

De sponsoring heeft het bedrijf niet overeind gehouden. Dat is ten onder gegaan aan mismanagement en duistere krachten die de scheve financiële situatie manipuleerden voor hun eigen voordeel. Honderden mensen konden op zoek naar een nieuwe job (ik ook). De medewerkers en renners van de Formerly-Known-As-Rabobank-ploeg zullen daar niet al te veel problemen mee hebben. Er zal zich wel een nieuwe hoofdsponsor aandienen die weet dat het wielrennen zijn naamsbekendheid vergroot en vooral veel plezier schenkt aan zijn klanten, zijn personeel en aan hemzelf.

Ondanks alle dopingschandalen blijft wielrennen een sport van doordrijvers die de confrontatie met de elementen aangaan, met winnaars en verliezers en met emotie, heel veel emotie. Dat zien we graag en daarom blijven we kijken en meeleven met Gilbert, Boonen, Cancellara, de Gendt, Van den Broeck, met de winnaars, de pechvogels en de verliezers want dat zijn we allemaal wel eens. Leve de renners, leve de sponsors !

 
<< Start < Vorige 1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende > Einde >>

Pagina 1 van 8