11 november is ook een volksfeest
zaterdag 10 november 2012 08:25

In en rond Mechelen en Aalst en elders in het land wordt op 11 november  ‘Sinte-Mette’ gevierd. Mijn Duitse vrienden vertellen mij dat er bij hen lampionoptochten gehouden worden en dat voor Sint-Maarten de gans geslacht en gebraden wordt.

In Mechelen doet het Sinte-Mette Genootschap er veel aan om een oude traditie in leven te houden en dat is goed want Sint-Maarten mag dan ook buiten onze grenzen, in Nederland, Noord-Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk gevierd worden, hij is helemaal in de schaduw geduwd door Sinterklaas. Daar kan die Turk zelf niets aan doen. De ‘commercie’ en de media met de televisie op kop, zoeken altijd naar een grootste gemene deler, een figuur of evenement die de grootste massa aanspreekt en een televisietoestel straalt zoveel licht uit dat Sint-Maarten niet meer te zien is. Bovendien hangen aan die bisschop met zijn zwarte knechten fijne verhalen met een streepje horror en een mirakel: kinderen die eerst vermoord en dan gepekeld in een ton gestoken worden en daar weer levend uitkomen dankzij de grote kindervriend, dat spreekt meer aan dan een Romeinse soldaat die zijn mantel deelde met een bedelaar.

Sint-Maarten is een bedelfeest, ooit bedoeld om de arme stakkers te helpen de koude wintermaanden te overleven. Vandaag is het een feest voor de kinderen die zich mogen verkleden en de straat op trekken om snoep te verzamelen. Bedelen moeten ze al lang niet meer doen maar het zou niet slecht zijn hen te vertellen over die barre tijden. Ze zouden wel eens terug kunnen komen.

Taalkundig is Sinte-Mette interessant omdat het er ons aan herinnert dat in het Vlaams de umlaut gewerkt heeft (denk aan ‘kaas’, ‘kees’ in de Brabantse dialecten, ‘koas’ in Oost-Vlaanderen en elders). In het Standaardnederlands heeft de democratie van de meerderheid die umlaut uit onze taal gekegeld maar de Duitsers hebben twee puntjes op hun kaas gezet. En ik vind zoiets interessant.

Volkse tradities vind ik ook interessanter dan het geïmporteerde plezier van Halloween en de made-in-China rommel die binnenkort weer aan gevels en in voortuintjes zal verschijnen, misbaksels van kerststallen op rotondes en kerstverlichting boven de in lange linten uitgerokken winkelstraten die ’s avonds alleen maar tristesse verhogen.

Ik heb niets tegen de kerstsfeer maar het moet ‘sfeer’ zijn en die krijg ik wel met de CD die Jan De Wilde vorig jaar uitbracht met het ensemble Currende, ‘O Kersnacht, Schooner Dan De Daegen’, weggezakt in de zetel naast de kerstboom met een boek en een trappist. Dat is een traditie die ik niet verloren wil laten gaan.